Invesco: Zeer zwak kwartaal voor goudprijs maar vraag centrale banken blijft

Invesco: Zeer zwak kwartaal voor goudprijs maar vraag centrale banken blijft

Gold

De goudprijs daalde in het tweede kwartaal met 14,1 procent en kende daarmee het zwakste kwartaal sinds 2013. De komende maanden worden cruciaal voor de ontwikkeling van de goudprijs. Beleggers kijken vooral naar de inflatie ontwikkeling en de reactie van de Federal Reserve hierop, terwijl volgens vermogensbeheerder Invesco de structurele factoren achter de stijging van de goudprijs de afgelopen jaren nog altijd aanwezig zijn.  

De goudprijs daalde onder meer door de hardnekkige inflatie en omdat beleggers meer vertrouwen kregen in een positieve uitkomst van de onderhandelingen tussen de Verenigde Staten en Iran. Maar de structurele factoren die de afgelopen jaren zorgden voor de gestage stijging van de goudprijs zijn volgens de Invesco-experts zeker niet verdwenen. “Centrale banken blijven naar verwachting goud kopen om hun reserves verder te diversifiëren. Uit cijfers van de World Gold Council blijkt dat 45 procent van de centrale banken de goudreserves de komende twaalf maanden opnieuw wil vergroten.”

Neerwaartse risico's blijven

Hoewel de vraag van centrale banken niet erg gevoelig is voor prijsbewegingen, ligt dat anders bij de algemene vraag naar goud. “Stijgende prijzen trekken kapitaal aan, maar dalingen leiden vaak tot verkopen. De vraag naar munten en kleine goudstaven door particuliere beleggers was een belangrijke factor in de grote vraag tijdens de langdurige goudrally”, aldus de experts.

“De neerwaartse risico’s voor de goudprijs blijven. De komende maanden moeten meer duidelijkheid brengen. We moeten afwachten hoe de Fed reageert op de inflatie, of de inflatie hardnekkig hoog blijft en hoe de dollar zich ontwikkelt tegenover andere valuta. Hogere rentes en een sterkere dollar zijn vaak slecht nieuws voor de goudprijs. Een hogere rente maakt goud minder aantrekkelijk als belegging en een sterkere dollar maakt het edelmetaal duurder voor niet-Amerikaanse investeerders.”